Categorie archief: Oostvoorne

Wie niet weg is, is gezien

Woensdagmiddag 21 december fietste ik over het fietspad in de Helpolder van de Hollandse Biesbosch en zag daar opeens iets tussen de struiken zitten. In eerste instantie dacht ik aan een konijn, maar al snel werd duidelijk dat het een haas was. Hij vluchtte helemaal niet weg, zodat ik hem tot op een afstand van plusminus 6 meter kon benaderen. Zo’n moment kom je niet vaak tegen als natuurfotograaf. Stadswandelaar Jurgen

Meer Hazen op deze site

Advertenties

Widerstandnest 111 H “De Punt”

Video: Richard

De bunker aan ‘de Punt’ van Westvoorne vormt een opvallende markering tussen het Rockanjese en Oostvoornse strand. Wanneer hij tenminste, tijdens eb, zichtbaar is. Omdat hij net voorbij de grens tussen diep en ondiep water ligt, kan het gevaarlijk zijn hem zwemmend op te zoeken. Hij ligt verder weg dan het lijkt. De bunker is wel eens een ligplaats voor zeehonden geweest. In de video is hij gekoloniseerd door Meeuwen en Aalscholvers.

In de tweede wereldoorlog maakte hij deel uit van de Duitse verdediging tegen de geallieerden. Het gehele strand was versperd met betonnen driepoten en prikkeldraad. Na de oorlog zijn deze poten door de locale bevolking gebruikt als hekpalen en bestrating. Je kan ze nog wel tegen komen rond boeren erven. Van een  aantal complete driepoten is, in de duinen van Rockanje, een monument opgericht ter nagedachtenis van door de Duitsers gefusilleerde inwoners op de plek van het gebeuren. Stadswandelaar Richard

Tijdens de tweede wereldoorlog werd in 1940 al direct na de inval in Nederland door de Duitsers een kustverdediging ingesteld. Het begon met het overnemen van de Nederlandse kustverdediging maar werd al snel uitgebreid. In de jaren erna kwamen er bunkers bij waarvan sommige zelfs een plafonddikte hadden van 3 meter (bijv. Staelduinse Bos). Nederlands verzetsrapport 12 april 1945:

“mijlpaal 10 bunkerstelling met mijnen 61,70-434.15”

Het “Widerstandnest” op de Punt bij Oostvoorne/Rockanje werd rond 1941 bedacht. Er kwam een bezetting van landmacht troepen (H – Heer) van het 723de Grenadiers Regiment, vanaf 1944 kwamen er Wolgatartaren van het Wolga Tartar Jäger Batallion 826 tot het einde van de oorlog te liggen. Er was een dubbele prikkeldraadversperring rond het complexje heen, met daarbuiten een mijnenveld. Frappant strategisch is dat de ingang aan de zeezijde lag.

Het nest diende om aanvallen vanuit zee af te slaan met een anti-tankkanon (een Frans tankkoepeltje in een Tobruk) dat geflankeerd op het strand dus langs de eb/vloed lijn schoot in noordelijk en zuidelijke richting. Mitrailleurs waren opgesteld in 3 kleine bunkers van het type Tobruk (Ringstand). Overige bouwsels naast veldversterkingen als loopgraven, zullen waarschijnlijk een onderkomen uit dun beton en bergplaatsen zijn geweest uit metselwerk en beton, voor brandstof of munitie.

In 1944 kwam daarbij de bunker die nu nog het duidelijkst te zien is, van het type 667 (Kleinstschartenunterstand), bedoeld voor een anti-tankkanon, schietrichting waarschijnlijk noordelijk. Te zien op de plattegrond hieronder is dat de muren en plafond een dikte hebben van 2 meter.

Militair Historische bijdrage: Stadswandelaar Marco

Een dagje strand, een kop plasticsoep!

Strand van VoorneVideostill van het Strand van Westvoorne, op de Punt

Vroeger ging ik er met mijn vader jutten om nylondraad waar hij de bramen mee opbond en om handschoenen, die om de zelfde reden ook handig waren. Mijn vader heeft zelfs eens een heel mooi schilderspalet vervaardigd uit een, aan de vloedlijn gevonden, ‘beach ball bat’ van kunststof. Olieplatforms, scheepvaart en recreanten laten zo hun sporen na.

Toen keek ik al gebiologeerd naar al dat door mensen geproduceerde afval, dat soms lang rondgedreven had in het water. Dit viel dan af te lezen aan de zeepokken en wieren die zich op het afval hadden gevestigd. Er klopte naar mijn gevoel iets niet, maar wist ik veel wat de gevolgen precies waren? Vorig jaar leerde ik pas over plasticsoep, vuilniseilanden, massale dierensterfte en over op oestrogenen lijkende gifstoffen die zich ophopen in het water en dus ook in ons (zee-)voedsel.

PlugTerug op het strand wilde ik de proef op de som nemen en een kleine inspectie doen. Daar was helaas niet al te veel moeite voor nodig. De eerste meters strand leverden al een flinke hoeveelheid plastic op: van groot tot klein en vaak zelfs onderwerp voor een vergrootglas. Een fiks deel van mijn mini-onderzoek bracht ik op zo’n honderd meter strand door. Ik moest me er toe aanzetten stukken over te slaan en mijn kilometers te maken.

Op ‘de Punt’ lag de troep het dikst gezaaid. Hier vormden zich hele rijen duintjes rond touw, flessen, lappen plastic en ondefinieerbare rommel. Wat zal er allemaal niet onder dat zand liggen, veilig weggestopt voor volgende generaties?

Dode Jan-van-gentBij een dode Jan-van-gent kon ik het niet laten mij af te vragen of deze ook aan een plasticdiëet gestorven was. Ik wilde eerst nog controleren of hij plastic in zich had, maar die klus was te ranzig. Er zaten zoveel maden in dat het zand onder de vogel knisperde!

Voor diegenen die denken: ‘wat heeft dit met de stad te maken?’ Een groot deel van de plasticsoep komt bij consumenten uit de steden vandaan. Via straat en vuinisbelt raakt het te water en begint het via de rivieren een reis naar de oceanen. Wanneer ik de situatie op dit strand vergelijk met vroeger, dan lijkt het  veel erger dan vroeger. Vooral de kleine deeltjes kan ik me niet herinneren, al is een herinnering natuurlijk maar betrekkelijk.

Wat kunnen wij nu met zulke dramatische verhalen in deze toch al moeilijke tijden? De afvalkraan dichtdraaien bijvoorbeeld. Wat via land in het water komt, hebben wij voor een aanzienlijk deel zelf in de hand. Als wij afval in de vuilnisbak doen, op straat of thuis en- beter nog- minder afval produceren, kan de vuilnisplas op zee niet zo hard meer groeien.

Afval in een kanaalGrote boosdoeners zijn o.a.: kleine frisdrankflessen, plastic wegwerptassen en sigarettenpeuken. Hier bij gemaal in Hellevoetsluis.

Het bewustzijn groeit wereldwijd gestaag. Projecten, zoals Plastic Tas Vrij en Verlos de zee, werken er in Nederland hard aan om de afvalstroom in te dammen. De gemeente Westvoorne is overigens partner van Verlos de zee. Er staat een container van deze actie op het strand. Dit jaar werd zwerfvuil ook aangepakt tijdens de Nationale Opschoonactie. Respect verdienen, vind ik, de Zwerfafvalpakkers (Zap’ers) die iedere dag de rotzooi te lijf gaan in de eigen leefomgeving. Inmiddels bestaat er zelfs een afvalvisser!

Goed nieuws! Het schijnt dat er in de oceaan bacteriën zijn gevonden die plasticsoep eten. Die zullen alleen wel een flinke tijd bezig zijn om zo’n enorme kunststofplas op te slurpen. Het is zeker geen reden om slordig met afval om te blijven gaan.

Videoverslag van Voorne’s Strand. Muziek: Sticky Insects

Zelf ben ik al een tijdje bewust bezig. Ik maak keuzes tijdens de boodschappen, neem geen wegwerptasjes aan en raap buiten wel eens wat op, maar eerlijk gezegd kan het nog veel beter. Zo zou ik nog consequenter producten kunnen mijden en vaker zappen. Boodschap aan mijn eigen persoon: verbeter de wereld en begin bij jezelf! Stadswandelaar Richard

Verlos de zee | Plastic Tas Vrij | Noordzee | Afvalvisser

Oog in oog in het Mildenburgbos

MildenburgbosEen laatste ode aan de herfst, voor ik de winterstilte verwelkom. Voorafgaand aan de mist die ons het zicht zou ontnemen, zocht ik het Mildenburgbos op, stemmig denkend aan wat ik verloor en wat ik won dit jaar.

PaddestoelGevangen was ik, in het licht tussen de bomen door, de bosbodem kraakte onder mijn voeten.
Op een vage wisselroute, tussen de bosjes tegenover mij, echode het gekraak en klonk geritsel. Een Ree zette zich schrap in het pad, in afwachting van mijn reactie. Haar ogen vol met de onschuld die ik ooit verloren ben. Ik ben te luid.

PimpelmeesEen Ree, twee, vier zelfs, springen veilig achter de bossages. Ik zie ze nog even in het warme licht en ben ze kwijt. Als straf voor mijn lawaai heb ik ze niet in de lens kunnen vangen. Langs mijn pad het bos uit, stoort een Pimpelmees zich niet aan mijn driftige gefotografeer en zoekt evenzo driftig naar voedsel in de oksels van een boom…

Het Mildenburgbos, waarvan de ingang gelegen is tegenover het oude Raadhuis van Oostvoorne, stamt uit de 18e eeuw en is aangelegd door de familie Van Leyden-Van Leeuwen. Het landgoed had een Baroktuin, een doolhof, een theekoepel en beelden. Eromheen lag productiebos. Het huis van de familie is afgebroken en de tuin is verwilderd. Een deel van de oude structuur is nog wel herkenbaar in het bos achter de duinen. Stadswandelaar Richard

Bron: VVV Zuid-Hollandse eilanden

Videomontage van de foto’s en geluid uit het Mildenburgbos op muziek

 

Vogellijm (Viscum album)


Stadswandelaar Anakhita fotografeerde deze Maretak (Viscum album), of Vogellijm vlak bij het informatiecentrum ‘Tenellaplas’ nabij de Westvoornese duinen.

Door de Engelstalige televsie kennen we Maretak als ‘Mistletoe,’ waaronder gezoend mag worden tijdens het Kerstfeest. Er zijn legio folkloristische gebruiken in Europa rond deze halfparasitaire plant, die wortelen in onze heidense cultuur van voor het Christelijke tijdperk. Het zoenen zou zomaar een restant kunnen zijn van de vruchtbaarheidsrituelen die zowel Kelten als Germanen uitvoerden met en rondom de Maretak. Wie kent er niet het beeld van Panoramix (uit: Asterix en Obelix) die het kruid toevoegde aan zijn machtige toverdrank?

De bijnaam Vogellijm dankt de plant aan de verspreidingwijze. De groene bessen worden gegeten door vogels en hebben een kleverige laag. Bij het nuttigen van de bes, wordt het zaad in een oksel van een boomtak gesmeerd, wanneer de vogel probeert af te komen van het plakkerige spul. Het zaad ontkiemt en het plantje wortelt vervolgens in de boomtak, waar het zich deels voedt met sap uit de gastheer.

Pestvogels zijn bijzonder gecharmeerd door het zaad van Maretak. Op het moment dat deze foto gemaakt werd zat er een groep Pestvogels in en rond de boom (Populier) met Vogellijm. Kuddes vogelaars waren uitgerukt met een arsenaal aan camera’s en lenzen om deze bijzonder kleurige trekvogel ‘te vangen.’ Stadswandelaars Anakhita en Richard

Maretak op Wikipedia/ Pestvogels gesignaleerd in Westvoorne